
Normen en richtlijnen
Het gemeenschappelijke doel van onze productmanagers en diensten is het
aanbieden van betrouwbare, duurzame en hoogwaardige producten die voldoen aan de voorschriften en/of normen van elke regio waar ze worden gebruikt.



Norm EN388 is van toepassing op alle types beschermingshandschoenen voor wat betreft fysische en mechanische gevaarsinvloeden door schuren, snijden, perforatie en afscheuren. Sinds de 2016-versie van de norm zijn nieuwe, optionele prestaties toegevoegd.
| TEST | Level 1 | Level 2 | Level 3 | Level 4 | Level 5 |
|---|---|---|---|---|---|
| Abrasion resistance (Number of cycles) |
100 | 500 | 2,000 | 8,000 | - |
| Blade cutting resistance (index) | 1.2 | 2.5 | 5 | 10 | 20 |
| Tear resistance (N) | 10 | 25 | 50 | 75 | - |
| Puncture resistance (N) | 20 | 60 | 100 | 150 | - |
PRESTATIENIVEAUS VEREISTEN
1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN AFSCHURING Aantal cycli nodig om het proefstuk te doorslijten met een gelijkblijvende snelheid
1 t/m 5 : WEERSTAND TEGEN DOORSNIJDING DOOR MESBLADEN Aantal cycli nodig om het proefstuk te doorsnijden met een circulair zaagblad en op gelijkblijvende snelheid.
1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN SCHEUREN Minimale kracht die nodig is om het proefstuk te scheuren.
1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN PERFORATIE Kracht die nodig is om het proefstuk te doorboren met een genormaliseerde stans.
A t/m F : WEERSTAND TEGEN SNIJDEN MET ZAAGBLAD (TDM-test) Kracht nodig voor een recht zaagblad om het proefstuk door te snijden op een snijvlak van 20 mm.
ø of P : WEERSTAND TEGEN EEN SCHOK OP HET MIDDENHANDSBEEN Minimale beperking van de schok op de hand.
Weerstand tegen de schok op het middenhandsbeen: indien deze prestatie vermeld is, wordt de markering
“P” gebruikt.
| TEST CUT RESISTANCE EN ISO 13997 (TDM |
LEVEL A | LEVEL B | LEVEL C | LEVEL D | LEVEL E | LEVEL F |
|---|---|---|---|---|---|---|
| APPLIED FORCE (N) | 2 | 5 | 10 | 15 | 22 | 30 |
Zaagblad, 2 testmethoden:
EN388 6.2. :
Voor lage en gemiddelde snijrisico’s. Een circulair zaagblad waarop een constante druk van 5N
wordt uitgevoerd, gaat van voren naar achter totdat het proefstuk doorgesneden is. Men meet
het aantal uitgevoerde cycli en wijst het overeenkomstige niveau toe.
EN ISO 13997 :
Voor materialen die het zaagblad bot maken tijdens de EN388 6.2 -test en/of gedeeltelijk bestand
zijn, voor hoge snijrisico’s. Een recht zaagblad met een snijvlak van 20 mm waarop één beweging
wordt uitgevoerd met een kracht van 2N. De test wordt opnieuw uitgevoerd met een andere
kracht en net zoveel keren als nodig is om het proefstuk door te snijden. Een niveau wordt
toegewezen dat overeenkomstig is met de nodige kracht om het proefstuk door te snijden. Deze
methode vertegenwoordigt meer gebruikssituaties waarbij een hoog snijrisico is.
ANSI ISEA (US American National Standards Institute) 105
Classificatie en specificaties voor bescherming van de hand. Deel 5.1.1. Bestendigheid tegen snijden.
Benodigde gewicht voor een recht zaagblad het proefstuk door te snijden in één snijbeweging.
BESCHERMENDE KLEDING TEGEN REGEN
Deze norm definieert de eisen en testmethoden die van toepassing zijn op materialen en naden van beschermende kleding bij slechte weersomstandigheden (bijvoorbeeld regen of sneeuwbuien), mist en bodemvochtigheid.
y : Waterdoorlaatbaarheidsklasse (van 1 tot 4), WP
y : Verdampingsweerstand (van 1 tot 4), Ret
R : Waterkolomtest op het volledige kledingstuk (optioneel)
| FINNMARK2 | |
|---|---|
|
|
EN343 |
|
3 1 X |
|
DE THERMISCHE WEERSTAND (Rct) IN M².K/W :
Meet de gegeven thermische isolatie.
Verdeeld in 4 klassen (van 1 tot 4) van het minst isolerend naar het meest isolerend.
Hoe hoger de waarde, des te groter de gegeven thermische isolatie.
LUCHTDOORLAATBAARHEID (AP) IN mm/s :
Bepaalt de luchtdoorlaatbaarheid van het geheel.
Verdeeld in 3 klassen (van 1 tot 3) van het minst luchtdicht naar het meest luchtdicht.
DE THERMISCHE BASISISOLATIE DIE ERUIT VOORTVLOEIT :
Gemeten op een bewegende persoon (/cler) .
De thermische isolatiecoëfficiënt, uitgedrukt in m2.K/W maakt het mogelijk de optimale gebruikstemperatuur van het kledingstuk vast te stellen in vergelijking met de activiteit van de persoon en de blootstellingstijd.
De thermische isolatie wordt gemeten met onderkleding van het type:
DE VERDAMPINGSWEERSTAND (Ret) IN (M².PA)/W :
Meet de verdampingsweerstand, d.w.z. de mate waarin de waterdamp waaruit een product bestaat tegengehouden wordt, of de mate van weerstand die aan de verdamping van zweet op het huidoppervlak geboden wordt. Hoe hoger de verdampingsweerstand van een product, des te groter de weerstand voor het doorlaten van waterdamp. Een ademend product heeft een zwakke verdampingsweerstand. Verdeeld in 4 klassen (van 1 tot 4) van het minst ademend naar het meest
ademend.
| Dampweerstand Ret Klasse | Klasse | |||
| 1 | 2 | 3 | 4 | |
| M2 - Pa w | Ret > 40 | 25 < Ret > 40 | 15 < Ret > 25 | Ret < 15 |
WATERDOORLAATBAARHEIDSWEERSTAND (WP) IN PASCAL :
Meet de waterdoorlaatbaarheidsweerstand van het buitenmateriaal en de naden onder een waterdruk van (980+/-50) Pa/mm.
Verdeeld in 4 niveaus (1 tot 4) van het minst waterdoorlatend naar het meest waterdoorlatend.
| Waterdoorlaatbaarheidsweerstand WP |
Klasse | |||
| 1 | 2 | 3 | 4 | |
|
Te testen specimen : Materiaal zonde voorbehandeling Materiaal na elke |
WP > 8 000 Pa- | -WP > 8 000 Pa | -WP > 13 000 Pa | - WP > 20 000 Pa |
| Stikkingen zonder voorbehandeling | WP > 8 000 Pa | WP > 8 000 Pa | WP > 13 000 Pa | - |
| Stikkingen na behandeling door reiniging | - | - | - | WP > 20 000 Pa |
WATERKOLOM TEST :
| Lengte van de infiltratie op de mouwen en de voering | Max 5 cm |
| Lengte van de infiltratie op de voering van de broek | Max 10 cm |
| Longueur de mèche sur les ourlets de capuche | Max 4 cm |
| KLASSE 3 | 0 cm² |
Eisen met betrekking tot chemisch beschermende kleding waarvan de verbindingselementen tussen de verschillende onderdelen van het kledingstuk vloeistofdicht (type 3) of neveldicht (type 4), zijn, alsook voor kledingstukken die slechts bepaalde delen van het lichaam beschermen (Types PB [3] en PB [4]).
Deze norm definieert de minimale eisen die gelden voor de volgende chemisch beschermende kledingstukken met beperkt gebruik of opnieuw te gebruiken:
- Kledingstukken die het volledige lichaam beschermen voorzien van vloeistofdichte verbindingen tussen de verschillende kledingonderdelen (Type 3: vloeistofdichte kledingstukken) ;
- Kledingstukken die het volledige lichaam beschermen voorzien van neveldichte verbindingen tussen de verschillende kledingonderdelen (Type 4: neveldichte kledingstukken) ;
| NORMEN | TYPE | CHEMISCHE BESCHERMING |
| EN13034 | 6 | Tegen spatten |
| EN ISO 13982-1 | 5 | Tegen stofdeeltjes (asbest) |
| EN14605 | 4 | Tegen nevels |
| EN14605 | 3 | Tegen stralen |
| TESTS | |||||
| Algemene prestatie | Tests & specifieke prestaties |
Type beschermende kleding |
|||
| 3a | 4a | 5 | 6a | ||
| Prestatie-eisen voor de volledige kleding |
Binnendruk | - | - | - | - |
| Lek naar binnen | - | - | X | - | |
| Doordringen van een vloeistofstraal | X | - | - | - | |
| Doordringen van een nevel (verstuivingen van vloeistoffen) | - | X | - | - | |
| Tegen vaste deeltjes | - | - | X | - | |
| Doordringen van een nevel (lichte verstuivingen) | - | - | - | X | |
| Performantie eisen voor stikkingen en verbindingen |
Mechanische weerstand | X | X | X | X |
| Weerstand tegen het doordringen en binnendringen van vloeistoffen. | X | X | - | - | |
| Prestatie-eisen voor de materialen waaruit de kleding bestaat |
Schuren / Scheuren / Perforeren | X | X | X | X |
| Trekbestendigheid | X | X | - | X | |
| Bestendigheid tegen barsten door buiging | X | X | X | - | |
| Bestendigheid tegen barsten door buiging bij -30ºC |
X optioneel |
X optioneel |
- | - | |
| Bestendigheid tegen doordringen | X | X | - | - | |
| Bestendigheid tegen doordringen | - | - | - | X | |
| Waterafstotend | - | - | - | X | |
a - Wanneer de beschermende uitrusting slechts bepaalde delen van het lichaam bedekt (torso, armen, benen), dan zijn de performantie-eisen van het materiaal enkel daar van toepassing (type 6.4 en 3).
Type 1: De kracht van de impact mag niet meer zijn dan 4,450 N wanneer een gewicht van 3.6kg (8 lb) met een snelheid van 5.5m/s (meter per seconde) op de helm wordt toegepast.
Penetratie: Een penetratietest met een gewicht van 1 kg mag geen contact geven met het testhoofd bij een snelheid van 7.0 m/s.
Ontvlambaarheid: De helm mag niet langer dan 5s branden met uitstraling van vlammen na het terugtrekken van de vlam.
Elektrische weerstand: Een test met 20.000V geeft een klasse E of 10.000V voor een klasse G. Klasse C biedt geen bescherming tegen elektrische risico's.
Type 2: Aanvullend op de vereisten van type 1, moet type 2 aan de volgende eisen voldoen.
Energie absorptie: de versnelling mag niet meer zijn dan 150g in het geval van een val van een voorwerp op de helm of zijdelings bij gebruik van een testhoofd van 5kg aan 3.5 m/s.
Laterale bescherming: zowel vooraan, achteraan als zijdelings mag er geen contact zijn met het testhoofd bij een penetratietest met 1kg aan een snelheid van 5m/s.
ANSI/ISEA Z89.1 4 Optionele testen: lage temperatuur (LT), hoge temperatuur (HT), test voor omgekeerd dragen en high visibility test.